Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Dwerg met waterhoofd

In het Griekse Hellenisme (323 30 v.Chr.) begonnen de kunstenaars kunst in een andere stijl te maken. Ze gingen meer levensechte mensen afbeelden, waaronder ook mismaakten, oude mensen en jonge kinderen. Ook in de Romeinse keizertijd werden veel terracotta beeldjes van dwergen en mismaakten gemaakt, zoals dit beeldje.

Dit terracotta figuurtje stelt een kleine dwerg met een waterhoofd voor. Het beeldje is uit een mal vervaardigd en is aan de achterzijde voorzien van een rond luchtgat. Aan de achterzijde ontbreekt een fragment. Op het beeldje zijn nog resten van de oorspronkelijke beschildering aanwezig: bruin in de haren en geel op de mantel. De dwerg is gekleed in een mantel die het onderlichaam bedekt, om de buik is gerold en met een overslag om de schouder ligt. Met zijn korte armen houdt hij de mantel vast. Het hoofd is buiten-proportioneel groot en rust op een zeer korte hals. De ogen kijken enigszins gespannen voor zich uit. Om de mond speelt een tragische glimlach.

Dwergen en mismaakten werden veelvuldig uitgebeeld in de terracotta beeldjes van de Romeinse keizertijd. Door de gebrekkige medische hulpmiddelen was er in de oudheid weinig te doen aan vergroeiingen ten gevolge van botbreuken en dergelijke, zodat in het dagelijks leven zeer veel mismaakten op straat rondliepen. Dwergen waren bovendien populair en zeer gezocht voor varieté en privéfeesten. Door rijke families werden ook huisdwergen gehouden. Zo vermeldt de schrijver Plinius de namen van twee dwergen van Julia, de dochter van keizer Augustus: Conopas en Andromeda; naar zijn zeggen waren zij rond de tachtig centimeter groot.

Grieken | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: