Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Spiegels

Waarschijnlijk hebben de Etrusken het maken van spiegels overgenomen uit Noord-Afrika. De gelijkenis met Egyptische spiegels is immers opvallend, evenals de overeenkomst in naam. Vanaf ongeveer 400 v.Chr. vormen schijf en handvat steeds meer een geheel. Het handvat heeft dan vaak de vorm van de kop van een hinde of een ram, om onheil af te weren. Op de keerzijde van de spiegels, zoals bij deze exemplaren, staat meestal een geïnciseerde voorstelling met thema’s uit de Griekse mythologie. De voorstellingen op spiegels zijn altijd vredig van aard. Vaak waren het liefdestaferelen van goden. Hier gaat het om een scène in twee verschillende versies, van Castor en Pollux, zonen van Zeus, en waarschijnlijk Turan, de godin van de liefde. De tweede godin zou Menerva kunnen zijn.

De inspiratie tot het vervaardigen van bronzen spiegels deden de Etrusken waarschijnlijk op via handelscontacten met Noord-Afrika. Met name de ronde gegraveerde Egyptische spiegels met los handvat lijken veel op de 6de-eeuwse Etruskische exemplaren. Opmerkelijk in dit opzicht is dat het Etruskische woord voor spiegel, malena, verwant lijkt aan het Egyptische maa (‘zien’; het Egyptische woord voor spiegel is maoeher, ‘zien van het gezicht’).

De oudste Etruskische spiegels (ca. 550-400 v.Chr.) zijn vrijwel rond, met aan de onderzijde een kort uitsteeksel dat diende om de schijf te vatten in een handvat van hout, been of ivoor(vergelijk het exemplaar uit Vulci). Rond 400 v.Chr. gaat het handvat van de spiegel een geheel vormen met de schijf. Het handvat eindigt vaak in een gestileerde kop van een hinde of een ram, een bekend onheil afwerend element. De spiegels werden in de loop van de 4de eeuw boller van vorm, zodat het spiegelende oppervlak een vergrotend effect kreeg. De keerzijde was voorzien van een geïnciseerde voorstelling, meestal ontleend aan de Griekse mythologie. Inscripties geven de namen van de afgebeelde goden en mythologische figuren. In navolging van de Etruskische spiegelproductie werden ook in Latium spiegels vervaardigd. De stad Praeneste (het huidige Palestrina) was het centrum. De spiegels uit Praeneste wijken af van de Etruskische exemplaren door de peervormige contour en de Latijnse inscripties.

De spiegel was in de Oudheid bij uitstek het attribuut van de vrouw. In de decoratie is het aantal liefdesscènes groot, bijvoorbeeld tussen de godin Turan (Aphrodite/Venus) en haar minnaar Atun (Adonis). Ook amoureuze avonturen van andere Grieks-Etruskische goden komen voor, naast neutralere voorstellingen, zoals religieuze plechtigheden, godenverzamelingen en conversatiescènes. Een sereen scala van onderwerpen, zonder de drinkgelagen en gevechten die zo vaak in de Etruskische kunst voorkomen.

Op de spiegels in het Rijksmuseum van Oudheden zijn veel voorstellingen te vinden van Castor en Pollux, zonen van Zeus. Favoriet is de scène waarbij ze converseren met twee vrouwen, van wie er een geheel naakt is afgebeeld. Waarschijnlijk is zij Turan, de godin van de liefde. De andere godin zou Menerva (Athena/Minerva) kunnen zijn. De voorstelling wordt omgeven door een klimop- of lauwerband, een element dat voorkomt op Zuid-Italisch aardewerk uit deze periode.

Etrusken | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: