Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Schildplaat uit Luristan

Dit bronzen wapenschild behoorde toe aan een man van aanzien uit Luristan, die het schild meekreeg in zijn graf. De decoraties tonen een jachtscène en een hofvoorstelling. In de paleisscène is de hoofdpersoon een bebaarde koning, zittend op een troon. Hij ontvangt twee onderdanen die enkele prooien laten zien. Achter de koning staat waarschijnlijk een hoveling. In de jachtscène staat een boogschutter op het punt een leeuw neer te schieten, terwijl een ruiter op een stier met een bijl op de leeuw inhakt. De man op de stier lijkt in kleding, haardracht en baard sterk op de koning. In deze mythologische taferelen zijn Mesopotamische invloeden herkenbaar, zoals de haar- en klederdracht. Aan weerszijden van de schildplaat, in de onversierde rand, zijn enkele gaatjes geboord, waarmee de schildknop op de houten ondergrond bevestigd werd.

Wapenschilden waren in de Oudheid veelal van hout of riet gemaakt, en droegen aan de buitenzijde soms een centrale bronzen sierknop of sierplaat, de umbo. Het afgebeelde exemplaar uit het bergland van Luristan is van uitzonderlijke kwaliteit en vervaardigd met groot vakmanschap. Op grond van techniek, stijl en iconografie is verondersteld dat de umbo omstreeks 900 v.Chr. vervaardigd werd in een bronswerkplaats in de vlakte van Mahi Dasht in het westen van Iran, en oorspronkelijk toebehoorde aan iemand die qua status en aanzien in de hoogste regionen van de toenmalige samenleving in Luristan verkeerde. Uiteindelijk moet dit schild aan de eigenaar in het graf zijn meegegeven.

De schildplaat toont een gedreven en gegraveerd fries met een verfijnd uitgewerkt beeldverhaal in verschillende voorstellingen. In het midden bevindt zich een knop, versierd met een keten van lotusknoppen en granaatappels. Rondom de knop zijn twee taferelen afgebeeld: aan de bovenzijde een levendige jachtscène, aan de onderzijde een hofvoorstelling. De hoofdfiguur is een koning, gezeten op een rijk geornamenteerde troon. De vorst heeft een forse baard en lang, krullend haar, dat reikt tot op de schouder. Hij draagt een tot op de enkels vallend gewaad met korte mouwen, versierd langs de zomen. Het kleed toont bovendien een weefsel- of stikselpatroon van steeds drie stippen. Zijn linkerarm rust op de leuning van de troon, de rechterarm is opgeheven. Hij ontvangt twee onderdanen die een stier en een drietal steenbokken aan hem voorleiden.

De twee mannen, waarvan de een baardloos is en de ander een korte, ronde baard heeft, dragen het haar net als de vorst in krullen die in een brede bos uitmonden op de schouder. Ook hun kleding lijkt op wat de man op de troon aanheeft, minder rijk gedecoreerd. Om hun middel dragen de mannen een dubbele riem. De baardloze man, direct voor de koning, steunt op een boog in de rechterhand, terwijl hij met de linkerhand een steenbok bij de horens houdt. Achter hem staat een man die met de ene hand een stier, met de opgeheven andere hand een steenbok gevat heeft. Deze steenbok richt zich hoog op de achterpoten op. Onder de steenbok loopt een bokje.

Achter de koning staat een baardloze man, met kleding en een kapsel identiek aan dat van de beide dienaren voor de koning. De man laat de rechterarm los langs het lichaam hangen, terwijl hij met de linkerhand steunt op een niet nader te identificeren object, mogelijk een omgekeerde waaier of parasol. Ongetwijfeld hebben we hier te maken met een van de hovelingen of ‘kamerheren’ van de koning.

Midden in de jachtscène naast het hoftafereel spert een leeuw zijn muil open, staande op zijn achterpoten. Daarvoor knielt een boogschutter die op de leeuw aanlegt. Tussen hen in is schematisch vegetatie weergegeven. Achter de leeuw nadert een stier, bereden door een man met lange baard, die zich met de rechterhand aan het nekvel van de stier vasthoudt en in de linkerhand een bijl omklemt; de man lijkt op de leeuw in te hakken. De bijl is van een type dat kenmerkend is voor de bronscultuur van Luristan: een sterk gekromd blad en een huls afgewerkt met een rij puntige pennen.

De jachtvoorstelling is zeer levendig weergegeven, met een opmerkelijke aandacht voor details. De poten van de stier en de uitgestoken klauwen van de leeuw zijn nauwkeurig uitgewerkt, net als de fraai gemodelleerde koppen van deze beesten. De rondingen op de benen van de boogschutter suggereren mogelijk eveneens spieren en knieschijven; het kan ook zijn dat een soort beenbescherming bedoeld is. De boogschutter is gekleed in een kort gewaad met gedecoreerde zoom, dat reikt tot op de heupen. Het kleed valt aan de voorzijde onder de gordel open waardoor een soort onderkleding of brede kwast zichtbaar is. De man op de stier doet qua haar-, baard- en klederdracht sterk denken aan de koning op de troon.

Het fries wordt aan de buitenzijde omlijst door een gevlochten band. Langs de rand bevindt zich een smalle, onversierde zone. Aan weerszijden (beneden links en boven rechts) is deze onversierde randzone doorboord met een tweetal, dicht bij elkaar geplaatste, ronde gaatjes, die ongetwijfeld dienden voor de pennen ter bevestiging van de umbo op de houten ondergrond. De betekenis van de taferelen is waarschijnlijk mythologisch. Mesopotamische invloeden zijn onmiskenbaar aanwezig. Zo lijken de haar- en klederdracht van de diverse personen geïnspireerd op Babylonische voorbeelden, en de ook de strijdscène van mens en leeuw zou een duidelijk Mesopotamische grondslag kunnen hebben.

De voorwerpen | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: