Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Keizer Maximianus Herculius

Dit meer dan levensgrote marmeren beeld van de Romeinse keizer Maximianus Herculius is rond 1800 gevonden in Utica, het tegenwoordige Bou-Chater in Tunesië. In 1824 is het door J.E. Humbert aangekocht voor het Rijksmuseum van Oudheden. Het beeld toont de keizer in zijn functie als veldheer. Hij draagt laarzen, een tunica en een borstpantser met daaroverheen een veldheersmantel. Om zijn middel is een gordel geknoopt. De verdwenen linkerhand heeft oorspronkelijk een lans vastgehouden, waarvan nog slechts een gedeelte bewaard is ter hoogte van de stut. De rechter onderarm ontbreekt eveneens. De achterkant van het beeld is niet goed uitgewerkt. Dit wijst erop dat het beeld oorspronkelijk in een nis stond opgesteld en alleen van de voorkant bekeken kon worden.

Het borstpantser is versierd met verschillende reliëfs die een propagandistische betekenis hebben: het zijn symbolen van de kracht en de macht van de keizer. Op borsthoogte zijn twee griffioenen tegenover elkaar te zien. Griffioenen zijn fabeldieren met het lichaam van een leeuw en de kop en vleugels van een adelaar. Ze zijn verbonden met de machtige god Apollo. Daaronder is een adelaar afgebeeld met een bliksem in zijn klauwen. De adelaar en de bliksem zijn allebei attributen van de oppergod Jupiter. De flappen van het pantser zijn versierd met koppen van een ram, een griffioen, een panter en een leeuw. Verder zijn daarop ook schilden en rozetten te zien. Tegen de stut bij het linkerbeen van de keizer is een cornucopiae, een hoorn des overvloeds, gebeeldhouwd.

De kop die op het beeld zit, is samen met het beeld gevonden, maar hoort er eigenlijk niet bij. Het beeld dateert namelijk uit het einde van de 2de eeuw na Chr., terwijl de kop ongeveer een eeuw later is gemaakt. De oorspronkelijke kop is verdwenen en reeds in de oudheid vervangen door de huidige. De Romeinen maakten wel vaker beelden waar een los hoofd op kon worden gezet. Dat was vooral gemakkelijk als er vaak een nieuwe keizer kwam. Dan hoefde men niet een heel nieuw keizerbeeld te maken, maar alleen het hoofd te vervangen.

De kop laat een oudere man zien met een sterk bewogen en ook tamelijk doorleefd gezicht. Om het hoofd draagt hij een zware krans. Op grond van de stijl moet dit portret uit het eind van de 3de eeuw na Chr. dateren. Uit de gelaatstrekken blijkt dat het waarschijnlijk keizer Maximianus Herculius voorstelt, die regeerde tussen 286 en 305 na Chr. Er zijn niet veel duidelijke portretten bekend van deze keizer, wat dit beeld extra bijzonder maakt. Marcus Aurelius Valerius Maximianus, zoals zijn volledige naam was, bijgenaamd Herculius, was van tamelijk lage afkomst. Hij wist zich op te werken via het leger. Toen zijn vriend Diocletianus in 286 na Chr. keizer werd, benoemde hij Maximianus tot mede-keizer. Ze verdeelden het keizerrijk: Diocletianus regeerde over het oostelijke deel en Maximianus over het westelijke deel.

Het was een roerige periode voor het Romeinse rijk. Op allerlei plaatsen vielen barbaarse stammen het rijk binnen en tegelijkertijd kwam een aantal volkeren binnen de grenzen in opstand tegen het gezag. Maximianus moest dan ook veel veldtochten houden om de opstandelingen tot rust te brengen, onder andere in Brittannië, Gallië en Germanië (Engeland, Frankrijk en Duitsland). Zijn militaire ervaring kwam hierbij vanzelfsprekend goed van pas. De vele problemen in het rijk brachten de twee keizers ertoe om beiden een onderkeizer aan te wijzen. Zo ontstond in 293 de tetrarchie, waarbij het rijk werd bestuurd door twee keizers (Augusti) en twee onderkeizers (Caesares). Ze spraken af dat de Augusti na twintig jaar regeren zouden aftreden en opgevolgd zouden worden door de Caesares.

Tussen 296 en 298 leidde Maximianus een veldtocht in Mauretanië in Noord-Afrika. Nadat hij daar een overwinning had behaald op de opstandige Berbers, bracht hij de winter door in Carthago. Wellicht heeft men in die tijd de kop van het hier beschreven keizerbeeld vervangen door die van Maximianus, als vleiend eerbewijs voor zijn overwinning. In 303-304 was Maximianus mede verantwoordelijk voor de hevige christenvervolgingen die door Diocletianus waren bevolen. Een jaar later, in 305, traden beide keizers af om plaats te maken voor hun opvolgers, zoals afgesproken. Maximianus had echter de smaak van de macht te pakken gekregen en probeerde later nog twee maal om opnieuw keizer te worden. Hij was echter niet de enige die dat wilde, zodat er een onrustige periode volgde met allerlei verschillende troonpretendenten, waaronder ook Maxentius, de zoon van Maximianus.

Romeinen | Relevante voorwerpen

Bezoek ons: