Mythologie

De mythologie van de oude Grieken is – ook voor de moderne mens – een waardevol instrument gebleken om uitdrukking te geven aan gedachten en gevoelens. Denk aan toneelstukken en literatuur. De verhalende dichter Homerus (ca. 800-750 v.Chr.) was voor archeologen ook nog eens een belangrijke bron van informatie. Waar komen al die mythen vandaan?

Nog steeds voelbaar

De mythologie van de oude Grieken is tot ver na de klassieke oudheid altijd van grote betekenis geweest voor opeenvolgende generaties. Ook in onze tijd is de invloed ervan nog steeds voelbaar. Griekse mythen worden verwerkt en bewerkt in films, toneelstukken, opera’s en literatuur. De betekenis ervan zien we ook terug in onze taal. Denk aan de woorden narcisme, tantaluskwelling, Oedipus-complex en achilleshiel. Je zou dus kunnen zeggen dat de Griekse mythologie tot op heden een waardevol instrument is gebleken om uitdrukking te geven aan gedachten en emoties.

Overlevering

Hoe oud de Griekse mythologie is weten we niet precies. Sommige verhalen dateren van 2000 v.Chr. en zelfs van daarvóór. Mythische overleveringen, al of niet in dichtvorm, werden van generatie op generatie doorgegeven door onder anderen rondreizende minstrelen of rapsoden (liederenrijgers). In de klassieke oudheid behoorde de mythologie tot het leven van alledag, wat we soms ook nog terugzien in antieke schilder- en beeldhouwwerken.

Mythos

De betekenis van het Griekse bronwoord mythos verschilde in de klassieke oudheid van ‘verhaal’ tot ‘verslag’, ‘fabel’ en ‘toespraak’. De vroegste epische (= verhalende) gedichten gingen vaak over opzienbarende verrichtingen van de goden, roemruchte oorlogshelden en gedenkwaardige oorlogen. Over de bron en de vertolkers ervan is weinig bekend, over de inhoud soms des te meer.

Homerus

Dat geldt bijvoorbeeld voor de epische gedichten van Homerus (ca. 800-ca. 750 v.Chr.). Aan hem worden de beroemde epische werken Ilias en Odyssee toegeschreven. Het eerste van deze verhalende gedichten, elk onderverdeeld in 24 boeken, beschrijft het conflict tussen de jonge Griekse strijder Achilles en koning Agamemnon van Mycene tijdens een veertiendaagse episode uit de tienjarige Trojaanse Oorlog. In het laatstgenoemde werk wordt de zwerftocht van de Griekse held Odysseus na die oorlog beschreven, eindigend met zijn thuiskomst op het eiland Ithaka.

Feit en fictie

Homerus is een mythe op zichzelf. Er is weinig over hem bekend. De blinde dichter zou afkomstig zijn van het eiland Chios, maar veel steden claimden zijn geboorteplaats te zijn. Al in de klassieke oudheid vroeg men zich af of Homerus überhaupt wel bestond, of hij één poëet was of dat hij misschien stond voor een aantal poëten. Tot op de dag van vandaag zijn deze vragen onderwerp van discussie. Dat geldt ook voor de geschiedenis die in Homerus’ beroemde epische gedichten wordt beschreven – oftewel: wat is feit, wat is fictie?

Teksten en vondsten

Aan het eind van de negentiende eeuw en begin twintigste eeuw lieten de klassieke archeologen zich dikwijls inspireren door de teksten van Homerus. De Duitse archeoloog en miljonair Heinrich Schliemann (1822-1890) bijvoorbeeld gebruikte de Ilias als leidraad voor zijn zoektocht naar het oude Troje van koning Priamus en het graf van de Myceense koning Agamemnon. Op zeker moment claimde hij het dodenmasker van deze koning te hebben gevonden, maar later werd het verband tussen dit dodenmasker en de in het werk van Homerus opgevoerde vorst overtuigend ontkracht. Toch zou het verband tussen homerische teksten en oudheidkundige vondsten voor veel archeologen een intrigerend thema blijven.

Uit het hoofd

Over het ontstaan van de Ilias en de Odyssee bestaat nog veel onduidelijkheid. De vraag is bijvoorbeeld of de inhoud en vorm van deze homerische teksten al vastlagen voordat ze op schrift werden gesteld. Oorspronkelijk werd dit soort epische gedichten niet gelezen, maar door barden voor publiek ten gehore gebracht nadat ze een gedeelte uit het hoofd hadden geleerd. De barden pasten ook sommige stukken bij elke gelegenheid aan. Pas later, rond de 9de eeuw v.Chr., toen het schrijven in zwang raakte, werd de epische poëzie op schrift gesteld.