Klik nogmaals op de knop om de filters te resetten Sluiten

Een ‘Britse’ pot uit Weert

De eerste vondsten van vroege bronstijdurnen in Nederland werden in de 19de eeuw gedaan in grafheuvels bij Hilversum. Het vervolgens naar Hilversum genoemde aardewerk heeft vaak een dubbelconische vorm met een verdikte richel, een zogenaamde stafband, en versiering met vingertopindrukken en touwindrukken.

Een goed voorbeeld is de urn uit Weert. In de zomer van 1952 werd deze ontdekt door een Belgische amateur-archeoloog in het zandverstuivingsgebied Weerterheide in Limburg, 15 meter over de grens tussen Brabant en Limburg. De pot werd in scherven gevonden. De urn was mogelijk op zijn kop ingegraven geweest, want de bodem ontbreekt en was in het verleden hoogstwaarschijnlijk kapot geploegd. Op de schouder en de wijd naar buiten staande hals van de pot uit Weert is een versiering van touwindrukken aangebracht. Ook op de rand is dit het geval. Op de schouder zijn vier, van vorm tamelijk unieke, handvatten met een hoefijzervorm zichtbaar.

De vraag was in het recente verleden of er enige relatie tussen Engeland en Nederland had bestaan, en zo ja hoe men zich die dan moest voorstellen. Met andere woorden: waren de contacten van het continent naar Engeland gegaan of andersom? De nationalistische sentimenten die aan deze vraag ten grondslag lagen zijn duidelijk herkenbaar!

Dat er contacten hadden bestaan tussen Engeland en het continent was al bekend. In het laat-neolithicum kwam aan beide zijden van de Noordzee het vrijwel identieke klokbekeraardewerk voor. Het oudste bekeraardewerk wordt in Nederland en het Rijnland aangetroffen. Vandaar uit verspreidde deze aardewerkmode zich over de andere delen van Europa. In het laat-neolithicum lijkt de continentale invloed dus belangrijker te zijn geweest dan de Engelse invloed.

Een van de meest dramatische aanwijzing voor contacten zijn de ontdekkingen van verloren ladingen en een scheepswrak voor de Engelse kust. Met bronzen volgeladen vaartuigen moeten, al vanaf de midden-bronstijd, met man en muis zijn vergaan. De bronzen waren afkomstig uit Bretagne en werden voor de Engelse markt geproduceerd. Toch zijn er ook veel voorwerpen op het continent die uit Engeland of Ierland afkomstig moeten zijn. Het gaat dan vooral om gouden en bronzen voorwerpen. Dus in materieel opzicht lijken er in de bronstijd relaties over en weer te zijn geweest.

Het Hilversum-aardewerk zelf, of het idee hoe dat gemaakt moest worden, zou afkomstig zijn uit Engeland, meende de vooraanstaande 20ste-eeuwse archeoloog Willem Glasbergen. Niet in de vorm van vreedzame culturele overdracht, maar in de vorm van in onze gebieden binnenvallende Britten. Die zouden ook nieuwe begrafeniswijzen mee hebben gebracht. Zo werden rond de grafheuvels paalstructuren geplaatst en werden greppels en ringwallen gegraven. Degelijke grafmonumenten waren immers ook uit Groot-Brittanni bekend.

Inmiddels wordt hierover veel genuanceerder gedacht. Invallende Britten zijn van het toneel verdwenen en hebben plaats gemaakt voor een verklaring waarbij toch weer meer gedacht wordt aan wederzijdse culturele benvloeding, voornamelijk vreedzaam van aard, en over een lange periode. De relaties tussen Groot-Brittanni en Nederland in het laat-neolithicum zijn hier al een voorbeeld van. De nationalistisch getinte vraag welk land nu de eerste aanzet tot deze verandering heeft gegeven, kan dus niet beantwoord worden.

Nederland in de Prehistorie | Relevante voorwerpen

Alle topstukken

Bezoek ons: