Flauberts reis op Google Maps

De Franse schrijver Gustave Flaubert reisde van eind oktober 1849 tot juli 1850 door Egypte. Samen met vriend en fotograaf Maxime Du Camp trok hij van Alexandrië in het noorden naar Sudan in het zuiden en weer terug.
Op de kaart ziet u een aantal plaatsen die beide mannen bezochten. Als u op de rode icoontjes of de links onder de kaart klikt, ziet u de foto die Du Camp er maakte en een fragment uit Flauberts dagboek of brieven over de reis.
De complete reis met alle aantekeningen van Flaubert, 35 foto's van Du Camp en ruim 100 Egyptische objecten uit verschillende museumcollecties ziet u op de tentoonstelling 'Het Egypte van Gustave Flaubert'.

  • Er staan meer icoontjes op de kaart dan u op het eerste gezicht ziet. Zie de lijst onder de kaart.
29.976739362276195,31.12388034366378

GIZEH, PIRAMIDE VAN CHEOPS - 8 DECEMBER 1849. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "De beklimming van de grote piramide, de rechter (van Cheops). Zelfs de kleinste van de stenen, die vanaf een afstand van tweehonderd passen niet groter lijken dan plaveien, zijn drie voet hoog; doorgaans reiken ze tot op borsthoogte. We nemen de linkerhoek (gericht naar de piramide van Chefren) om naar boven te klimmen; de Arabieren duwen me, trekken me, ik ben bekaf, je wordt wanhopig van uitputting. Vijf à zes keer houd ik onderweg even halt om op adem te komen. Maxime is voor mij vertrokken en schiet flink op. Eindelijk kom ik boven. We moeten ongeveer een halfuur wachten voor de zon opkomt." (foto: Maxime Du Camp, 9 december 1849)
29.975041479934177,31.13795588934706

GIZEH, DE GROTE SFINX - 7 DECEMBER 1849. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "De aanblik van de sfinx Aboe el-Hol (de Vader van de Schrik). - Het zand, de piramiden, de sfinx, alles grijs, badend in een grootse roze toon; de hemel is helder blauw, de adelaars cirkelen langzaam om de toppen van de piramiden. We maken halt voor de sfinx, hij laat zijn ijzingwekkende blik op ons rusten; Maxime ziet wit als een doek, ik vrees te gaan duizelen en tracht mezelf weer meester te worden." (foto: Maxime Du Camp, 9 december 1849)
22.33678646876148,31.626020505523673

ABOE SIMBEL, DE KOLOSSEN VAN DE GROTE TEMPEL - 28 MAART 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "Ipsam Boel (Aboe Simbel). De kolossen. Het effect van de zon, gezien door de deur van de half onder het zand bedolven tempel: als keek je door een kelderraam. Op de achtergrond, drie kolossen, maar half te onderscheiden in de schaduw. Toen ik op de grond lag en met mijn ogen knipperde, leek het me even dat de eerste kolos rechts met zijn oogleden bewoog. Mooie hoofden, afzichtelijke voeten." (foto: Maxime Du Camp, 29 maart 1850)
22.6502778,31.9916667

QASR IBRIM, VESTING - 31 MAART 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "Ibrim, paaszondag, terwijl Max van beneden uit een foto maakte van de vesting, beklom ik op mijn gemak de flank van de berg, waarbij ik geregeld mijn teennagels kwetste aan de losse, naar beneden gerolde stenen. Binnen de muren ligt een hele stad. De huizen zijn allemaal bouwvallig en staan heel dicht bij elkaar, zelfs tegen elkaar aan. Als je boven op een muur gaat staan, vormt dat geheel van vervallen huizen, waarvan alleen nog de vier muren overeind staan, een regelmatig dambord. (...) Alles is stil, geen mens, geen mens, alleen ik, boven mijn hoofd drijven twee roofvogels op hun wieken, ik hoor aan de overkant van de Nijl in de woestijn een stem iemand roepen." (foto: Maxime Du Camp, 31 maart 1850)
23.96079408295321,32.86798931177827

KALABSJA, RELIËF VAN CLEOPATRA ALS ISIS - 8 APRIL 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "In het tweede vertrek is een groot aantal schilderingen bewaard gebleven; de blauwe en de rode kleur overheersen: het rood wordt gebruikt voor de onbedekte lichaamsdelen en voor de bollen en de sferen van de hoofdtooi; de psjent (het door de witte mijter en de rode muts samengestelde hoofddeksel, gedragen door de heerser van Opper en Beneden Egypte) is altijd blauw. Overlangs gestreepte broekjes volgen zichtbaar de lijn van het achterwerk. De stoelen zijn doorgaans in smalle stroken geschilderd, een rode, een groene of een blauwe strook." (foto: Maxime Du Camp, 8 april 1850)
24.0252778,32.8841667

PHILAE, TEMPELCOMPLEX - 10, 11, 13 en 15 APRIL 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "Woensdag, Philae, om vijf uur 's avonds aangekomen. Ik trek met Joseph door de woestijn naar Asswan. Uit vrees voor de hyena's zijn we tot de tanden gewapend; onze ezels gaan een lekker gangetje, een knaapje van ongeveer twaalf, verrukkelijk sierlijk en behendig, in een wijd wit hemd, rent met een lantaarn voor ons uit. De blauwe hemel is bezaaid met sterren, het zijn bijna laaiende vlammen, een echt oosterse nacht!" (foto: Maxime Du Camp, 14 april 1850)
25.700319643361322,32.63986518783569

LUXOR, AMONTEMPEL - 1 MEI 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: We kwamen op maandag om half negen 's avonds in Luxor aan; de maan kwam op. We gaan aan land. De Nijl is laag, een vrij grote zandvlakte strekt zich van de rivier tot bij het dorp Luxor uit; we moeten de oeverberm op om iets te kunnen zien. Boven op de oever worden we aangesproken door een kleine man, die zich als gids aanbiedt; we vragen hem of hij Italiaans spreekt: ‘Si, signor, molto bene.' De pylonen en de zuilenrijen tekenen zich in het donker af; de maan, die net is opgekomen achter de dubbele zuilenrij, lijkt, rond en roerloos, vlak boven de horizon te blijven hangen om speciaal voor ons de wijde horizon beter te belichten. We dwalen rond tussen de ruïnes, die ons onmetelijk lijken; van alle kanten blaffen de honden ons woedend toe, gewapend met keien of bakstenen vervolgen we onze weg." (foto: Maxime Du Camp, 3 mei 1850)
25.719304054390488,32.60172379339293

MEDINET HABOE, DODENTEMPEL RAMSES III - 1 MEI 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "Na het avondmaal steken we de Nijl over en we lopen tot aan de voet van de berg van Medinet Haboe om er de hele nacht op hyena's te loeren. Onder de blote hemel (een prachtige sterrenhemel!) strekken we ons tussen de stenen op onze overjassen uit; Joseph en de gidsen zitten de hele nacht te praten; het schaap dat we uit een dorp (aan deze kant van de Nijl) hadden meegebracht, blijft vastgebonden, de volgende dag vinden we het ongedeerd terug. Om zes uur 's morgens, melk en hardgekookte eieren bij het ontbijt in het paleis van Medinet Haboe." (foto: Maxime Du Camp, 8 mei 1850)
25.71868027766166,32.657498908424365

KARNAK, POORT VAN DE TEMPEL VAN CHONSOE - 3 MEI 1850. Uit een brief van Gustave Flaubert aan zijn moeder: "Ik zal nooit de eerste indruk vergeten dat het paleis van Karnak mij gaf. Het scheen mij een woning van reuzen toe, waar men hele mannen aan het spit, als leeuweriken, moet opdienen op gouden borden. Wij hebben er drie dagen doorgebracht, Maxime fotograferend en ik afdrukkend of beter gezegd afdrukken makend." (foto: Maxime Du Camp, 6 mei 1850)
25.72710460447864,32.61123788909911

THEBE, HET RAMASSEUM - 8 MEI 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "Het Amenophium (Ramasseum) - Kolossen als die van Ipsamboel, maar zonder die franje tussen de billen. Op de binnenkant van de poort van het Amenophium wordt zwaar slag geleverd, mannen met de handen in de hoogte, mooi gemaakt, met een intentie van naïviteit. Een te paard strijdende man? Volgens Champollion wordt op de monumenten nooit gewag gemaakt van een cavalerie, op enkele schaarse uitzonderingen na; is dit misschien een van die uitzonderingen?" (foto: Maxime Du Camp, 9 mei 1850)
26.143500788392103,32.670807378387465

DENDERA, TEMPEL VAN HATHOR - 28 MEI 1850. Uit het dagboek van Gustave Flaubert: "Dendera, de grote tempel: in de eerste zaal aan weerskanten, drie zuilenrijen van telkens drie zuilen; bovenaan, op zijwaartse lijsten, een dierenriem tegen een blauwe achtergrond met sterren en goden in barken. Op de zuilen, sleutels in kalebassen. Een overdreven gebruik van symbolen, een heel uitbundige hoofdtooi." (foto: Maxime Du Camp, 28 mei 1850)