Tell Damiyah (Jordanië)

Paardje van aardewerk uit 7de eeuw v Chr.Paardje van aardewerk uit 7de eeuw v Chr.
Lucas Petit en Zeidan KafafiLucas Petit en Zeidan Kafafi
Opgraven op Tell DamiyahOpgraven op Tell Damiyah
Opgravingsmedewerker Jeroen Rensen aan het werk op Tell DamiyahOpgravingsmedewerker Jeroen Rensen aan het werk op Tell Damiyah

Het archeologisch onderzoek in Tell Damiyah staat onder leiding van dr. Lucas Petit, conservator van de collectie oude Nabije Oosten van het Rijksmuseum van Oudheden, en prof. dr. Zeidan Kafafi, hoogleraar archeologie aan de Yarmouk Universiteit. Na vooronderzoek in 2004 en 2005 ging het huidige onderzoeksproject van start in 2012.

De opgraving wordt gesteund door de Oudheidkundige Dienst in Jordanië (directeur dr. Jamhawi Monther). Het project wordt gefinancierd door het Rijksmuseum van Oudheden en de Yarmouk Universiteit.

Doel van de opgraving

Het belangrijkste doel van de opgravingen is de bewoningsgeschiedenis tussen 1400 en 500 v.Chr. te reconstrueren. Zo hoopt het team te kunnen verklaren waarom grootmachten als Assyrië en Egypte destijds in de heuvel geïnteresseerd waren. Men wil ook antwoord vinden op de vraag hoe het dorp - ondanks droogte en aardbevingen - zo’n duizend jaar stand kon houden. De opgraving kan bovendien informatie bieden over de achtergronden van de Jordaanse collectie van het Rijksmuseum van Oudheden. Die is afkomstig uit deze regio, maar over de historische context ervan is niet veel bekend.

Late IJzertijd: uniek heiligdom

In oktober en november 2014 heeft het opgravingsteam een 2700 jaar oud heiligdom gevonden. Het bestaat uit een rechthoekige gebouw van 8x6 meter met een podium. Het is het eerste heiligdom uit de late IJzertijd dat in deze streek is opgegraven. In en rond het gebouw vond het team verschillende beschilderde terracotta beeldjes van paarden en vrouwen. Ook werden scarabeeën en zegels uit Egypte en Irak gevonden. Waarschijnlijk gebruikten vooral handelaren en reizigers het heiligdom om te bidden en te offeren. Niet alleen de vondsten duiden daarop, maar ook de ligging van Tell Damiyah op een kruispunt van twee belangrijke handelswegen: bij een oversteekplaats van de Jordaan.

Dorp met mogelijk een Assyrische gouverneur

Het heiligdom stond waarschijnlijk middenin een klein dorp. De inwoners maakten textiel, maar waren ook actief in landbouw, veeteelt en jacht. Aardewerk en schriftelijke aanwijzingen doen vermoeden dat er een nauwe band bestond met het machtige Neo-Assyrische Rijk. Mogelijk woonde er in het dorp een Assyrische gouverneur die de handel in dit gebied controleerde. Rond 700 v.Chr. verwoeste een heftige brand het dorp, inclusief het unieke heiligdom.

Perzische en Hellenistische tijd

In de Perzische en Hellenistische tijdperiode (ca. 550-200 v.Chr.) is Tell Damiyah gebruikt als opslagplaats. De archeologen hebben diepe putten gevonden, die oorspronkelijk waren gevuld met veevoer. De afwezigheid van architectuur wijst mogelijk op een nomadische achtergrond van de bewoners of gebruikers. In de putten lagen ook veel voorwerpen die met textielproductie te maken hebben, zoals spinklosjes en weefgewichten.

Byzantijns en Ottomaans grafveld

De hele top van Tell Damiyah blijkt in de Byzantijnse tijd, en opnieuw in de Ottomaanse periode, gebruikt te zijn als grafveld. Vooral tijdens de opgravingsseizoenen in 2012 en 2013 werd intensief onderzoek gedaan naar de talrijke graven. In de meer dan dertig graven werden skeletten van kinderen en volwassenen uit het eerste millennium na Chr. gevonden. In sommige graven werden kralenkettingen gevonden. Andere graven bevatten ingelegde ringen en een glazen flesje naast het hoofd. De vondst was uitzonderlijk, omdat nederzettingen uit deze tijd schaars zijn in dit gebied.