Toetanchamon

RMO
RMO

Tegenwoordig is hij waarschijnlijk de bekendste van alle faraos, hoewel hij al kort na zijn dood in de vergetelheid raakte. Hij regeerde over Egypte als kind, maar het waren anderen die de werkelijke macht in handen hadden. In dit artikel zal de regeerperiode van Toetanchamon worden besproken en zal deze in de bredere context van de Amarna- en post-Amarna periode worden geplaatst.

Toetanchamon was koning gedurende de late 18e dynastie (1550-1307 v.Chr.). Hij werd geboren onder de naam Toetanchaton, als zoon van farao Achnaton (1353-1335 v.Chr.). De moeder van het prinsje was waarschijnlijk een bijvrouw van Achnaton, Kiya. Achnaton staat bekend als ketterkoning: hij erkende alleen de god Aton (de zonneschijf), verhuisde de Egyptische hoofdstad naar een nieuwe plek (Amarna) en liet uiteindelijk zelfs de tempels van de andere goden sluiten en hun beelden verwoesten. De regeerperiode van Achnaton en de periode kort daarna staat bekend als de Amarna-periode, verwijzend naar de hoofdstad. Vandaar dat er bijvoorbeeld ook wordt gesproken over de Amarna-koningen en de Amarna-kunst. 

Toen Achnaton na 17 jaar overleed, regeerde er kortstondig een zekere Semenchkare (1335-1333 v.Chr.), van wie bijzonder weinig bekend is. Mogelijk was deze persoon identiek aan Achnatons hoofdkoningin, Nefertiti. Over de precieze relatie van Toetanchamon met Semenchkare bestaat echter nog steeds discussie. Zeker is wel dat ze tot dezelfde familie behoorden. Bij de dood van Semenchkare bleef het land in ontreddering achter. Nefertiti had alleen maar dochters, vandaar dat de jonge prins tot troonsopvolger werd uitgeroepen.

Tegenwoordig is hij toch vooral bekend als Toetanchamon (1333-1323 v.Chr.). De naamsverandering vond plaats gedurende zijn tweede regeringsjaar en was onderdeel van de terugkeer naar de godsdienst van de periode van vóór Achnaton. Toetanchaton betekent letterlijk: levend beeld van Aton. Het veranderen van de naam naar Toetanchamon (levend beeld van Amon) markeert het herstel van de cultus voor Amon in Karnak, evenals die voor alle andere goden. In datzelfde jaar werd Achnatons hoofdstad Amarna als regeringszetel weer ingeruild voor Memphis.

Onderzoek naar de mummie van Toetanchamon heeft uitgewezen dat hij rond zijn 18e jaar is overleden. Er zijn ook wetenschappers die pleiten voor een latere dood, rond zijn 25e levensjaar, maar algemeen wordt toch aangenomen dat hij als tiener stierf. Omdat hij 9 jaar zou hebben geregeerd, zal hij rond zijn 9e de troon van Egypte hebben bestegen. Toetanchamon is niet de enige Egyptische koning die zo jong werd gekroond. Een bekend voorbeeld is Pepi II (±2246-2152, 6e dynastie), die op ongeveer 6 jarige leeftijd de troon besteeg. Natuurlijk hadden dergelijke kind-faraos geen werkelijke macht. Deze was in handen van de hoogste ambtenaren, die de zorg voor het bestuur hadden totdat de koning oud genoeg was om zelf te regeren.

In het geval van Toetanchamon was de macht in handen van Horemheb, regent en generaal van het leger, en van een andere hoge legerofficier, de godsvader Eje. Ook Maya, de schatbewaarder, had aanzienlijke invloed. De schitterende graven van Horemheb en Maya zijn tijdens opgravingen van het Rijksmuseum van Oudheden (RMO) in Sakkara (de begraafplaats van Memphis) blootgelegd. Twee van deze hoge ambtenaren zijn na de dood van Toetanchamon zelf ook farao geworden: eerst Eje (1323-1319 v.Chr.) en vervolgens Horemheb (1319-1307 v.Chr.), de laatste koning van de 18e dynastie. De laatste liet zijn faraograf in de Vallei der Koningen bij de zuidelijke hoofdstad Thebe aanleggen en staakte dus het werk aan zijn oorspronkelijke graf in Sakkara. Deze hoge ambtenaren dienden eerder in hun carrière koning Achnaton en hoorden dus bij de Amarna-elite.

Het RMO bezit delen van zowel het graf van Horemheb als van dat van Maya. Uit het eerste komt een reliëf waarop zowel Toetanchamon als Horemheb zijn afgebeeld. Toetanchamon krijgt een aantal buitenlanders op audiëntie, waarbij Horemheb deze lieden voorstelt aan de koning. Toetanchamon staat links afgebeeld, samen met zijn vrouw Anchesenamon. Horemheb staat beneden naast de verhoging waarop het koninklijk paar staat en is twee maal afgebeeld: de oude Egyptenaren hebben zo willen weergeven dat Horemheb zowel met Toetanchamon als met de tolk praat, die overigens ook twee maal is afgebeeld. Deze tolk op zijn beurt vertaalt hetgeen de buitenlanders te vertellen hebben.  

Gedurende de regering van Toetanchamon werd tevens begonnen met het voortzetten van de bouwprojecten die tijdens de regeerperiode van Achnaton stil waren komen liggen. In de tempel van Luxor is hij begonnen met het vervaardigen van een door zuilen geflankeerde processieweg; op de zijwanden daarvan staat het zogenaamde Opet-festival afgebeeld, één van de belangrijkste religieuze feesten van het oude Thebe. Ook in de tempel van Karnak bouwde Toetanchamon een kapel. De naam van de oppergod Amon, die door Achnaton overal was weggehakt, werd door Toetanchamon weer hersteld. Ook tempelbeelden zullen opnieuw zijn vervaardigd, hoewel hier weinig bewijs voor is. Het museum is in het bezit van een zitbeeld van de god Amon, afkomstig uit Thebe, dat in de oudheid zwaar is beschadigd: het mist bijvoorbeeld het hoofd, zijn linker arm en de basis. Op de achterzijde stond vermoedelijk de naam van Toetanchamon.

De omstandigheden van Toetanchamons vroege dood zijn ons niet bekend, al is er veel over gespeculeerd of hij misschien vermoord werd. Zijn graf (graf nummer KV62 in de Vallei der Koningen, Thebe) werd in 1922 ontdekt door de Britse archeoloog Howard Carter. Eindelijk werd een koningsgraf gevonden dat niet was geplunderd door grafrovers. Het bevatte een ongekende schat aan waardevolle objecten, ongeveer 3500 in totaal. Het graf was waarschijnlijk nog niet af toen Toetanchamon overleed en was zelfs niet voor hem, maar voor Eje bedoeld. Tegenwoordig zijn alle objecten te bezichtigen in het Egyptisch Museum in Cairo. Het pronkstuk van deze verzameling is natuurlijk het gouden dodenmasker. Toetanchamon zelf ligt nog steeds in zijn graf, in een gouden doodskist en een stenen sarcofaag.

Toetanchamon, die getrouwd was met een dochter van Achnaton, overleed kinderloos. Na zijn dood gingen zijn opvolgers verder met het herstellen van de schade die Achnaton had aangebracht. Eje, die verantwoordelijk was voor de begrafenis van Toetanchamon, bleef zich nog wel met Toetanchamon identificeren. Horemheb daarentegen wilde de herinnering aan de gehele Amarna-periode uitwissen. Hij zorgde ervoor dat Achnaton, Semenchkare, Toetanchamon en Eje uit de geschiedenis werden verwijderd. Cartouches en beelden werden vernield of geüsurpeerd (van een andere koningsnaam voorzien). Ook werd Amarna geheel verlaten en zelfs verwoest, waarbij bouwmaterialen in Thebe en Hermopolis werden hergebruikt. Deze acties hebben ertoe geleid dat Toetanchamon lange tijd in de vergetelheid is geraakt en dat heeft wellicht zijn graf veiliggesteld voor eventuele grafrovers, die dus geen idee meer hadden van zijn bestaan.