Zout

RMOZoutwinning in Afrika

Zout moet een van de belangrijkste ruilmiddel en in de geschiedenis zijn geweest, maar is archeologisch moeilijk terug te vinden. Uit de prehistorie resteert alleen het verpakkingsmateriaal: gootjes en potten van typisch poreus aardewerk. Tot ver in het achterland is dit teruggevonden. De functie van dit aardewerk kon worden vastgesteld door analyse van de klei. Die is verontreinigd met kiezelwier en die alleen in kustwateren voorkomen. Zoutwinning geschiedde door middel van verdamping van zeewater door verhitting boven vuur of door verbranding van nat veen. Het zout werd in poreus aardewerk verpakt. Na transport werd de verpakking verbroken en weggegooid. Alleen de verpakking vinden we dus nog terug.

Uit de vele reisverslagen van ontdekkingsreizigers uit het recente verleden naar verre streken komt naar voren dat de inboorlingen gek waren opzout. Zout vertegenwoordigde een hoge waarde, zelfs zo hoog dat het wel eens vergeleken werd met goud. De ontdekkingsreizigers konden er vrijwel alles voor krijgen wat ze wilden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat in de 17de-eeuwse VOC -schepen grote hoeveelheden zout naar de tropen werden getransporteerd. Zout wordt behalve voor het op smaak brengen van het dagelijkse maal vooral gebruikt voor het conserveren van voedsel. Men had in het verleden nog geen diepvriezer, zodat zonder een conserveermiddel als zout weinig voedsel langdurig houdbaar was.

Het is niet vreemd dat zout in veel studies over handelsrelaties en contacten in de prehistorie een belangrijke rol speelde als een van de ruilobjecten. Het punt is echter dat dit wel makkelijk aangenomen kan worden, maar hoe kun je het nu bewijzen? Zout is namelijk zo verdwenen. Het blijft niet bewaard in de bodem. Als zout alleen al nat wordt, is het weg.

Toch heeft zout zijn sporen in de prehistorie achtergelaten. Niet als zout zelf maar in de vorm van het verpakkingsmateriaal waarin het vervoerd werd. In veel ijzertijdnederzettingen in het oosten en zuiden van ons land werden regelmatig langwerpige holle stukken zacht poreus aardewerk gevonden, zogenaamde 'gootjes'. Ook werden er wel potten van een identiek baksel opgegraven. De functie van dit aardewerk was lange tijd een raadsel. Totdat de samenstelling van de klei werd onderzocht en bleek dat deze veel kleine kiezelwieren, diatomeeën, bevatte. Deze kiezelwieren blijken in soort, uiterlijk en vorm sterk te verschillen afhankelijk van het milieu waarin ze leven. Kiezelwieren uit een zout of brak milieu zien er dus heel anders uit dan kiezelwieren uit een zoetwatermilieu. De kiezelwieren in het zachte en poreuze aardewerk waren identiek aan de kiezelwieren die leven in een zout milieu. De klei moest dus afkomstig zijn uit de kuststreek.

Wat deed klei uit de kuststreken zover landinwaarts? Het leek niet om export van aardewerk zelf te gaan, want het materiaal is van een beroerde kwaliteit. De kwaliteit van het ter plaatse gebakken aardewerk was veel beter. Ook in de kuststrook werd dit aardewerk aangetroffen, vaak op vindplaatsen waar tevens resten van zoutproductie werden gevonden. Deze resten van zoutproductie worden' briquetage' genoemd, naar het Franse woord dat het gehele scala aan zoutwinningsactiviteiten omvat.

Ons klimaat is niet geschikt om zeewater te laten verdampen met zonne-energie. Men kon op twee manieren zout winnen. Bij de eerste werd zeewater boven een vuur verhit zodat na verdamping in kommen of schalen het zout achterbleef. De tweede methode hield in dat de veengrond verbrand werd. Op sommige plaatsen langs de kust was het veen verzadigd met zeewater. Door dit veen te drogen en te verbranden hield je zout over. Het zout moet vervolgens naar de afnemers vervoerd worden. Zeer geschikt hiervoor zijn de potten en de gootjes gebakken van een poreus aardewerk. Op de plaats van bestemming werd het verpakkingsmateriaal gebroken en de klomp zout uitgepakt. Het verpakkingsmateriaal verdween, gelukkig voor archeologen, op de afvalhoop. De zoutproductie moet een behoorlijke omvang hebben gehad, want het verpakkingsmateriaal wordt tot ver in het Rijnland teruggevonden.